Inhoudsopgave

Voorwoord VIII
1. Inleiding 11
1.1. Motivatie 11
1.2. Vraagstelling en werkwijze 12
1.3. Uitgangspunten 14
1.4. Doel 18
1.5. Bronvermelding en document opzet 19
2. Goddelijke verkiezing en verwerping volgens de Bijbel 22
2.1. Inleiding 22
2.2. God verkiest het volk Israël 23
2.3. Het volk Israël kiest ook voor God 27
2.4. Gods verbondenheid met het volk Israël 29
2.5. God verkiest zich een plaats 30
2.6. Gods verbondenheid met het land Israël 31
2.7. God woont zelfs daadwerkelijk te midden van Zijn volk 33
2.8. Het volk Israël verwerpt God 34
2.9. God trekt Zich terug uit de tempel 36
2.10. God verwerpt het land Israël 37
2.11. God verwerpt het volk Israël 38
2.12. God zal het volk Israël opnieuw verkiezen 40
2.13. God zal het land Israël opnieuw verkiezen 41
2.14. God brengt het volk Israël terug naar het land 42
2.15. God zal weer in de tempel terugkeren 52
2.16. De uitverkorenen in het Nieuwe Testament 55
2.17. Het heil voor de heidenen 66
2.18. Bekendmaking van het ‘eerste’ geheimenis 76
2.19. Bekendmaking van het ‘tweede’ geheimenis 79
2.20. Uitverkiezing, Roeping en Bestemming 89
2.21. Conclusie ten aanzien van verkiezing en verwerping volgens de Bijbel 109
3. Belangrijke verbonden in de Bijbel 110
3.1. Inleiding 110
3.2. Het verbond met Adam 110
3.3. Het verbond met Noach 111
3.4. De twee verbonden met Abraham 113
3.5. Het verbond met Isaak 115
3.6. Het verbond met Jakob 116
3.7. De verbonden met het volk Israël 116
3.7.1. Het eerste verbond. De samenvatting van de wet 118
3.7.2. Het eerste verbond. Verordeningen en inzettingen van de wet 128
3.7.3. Het tweede verbond. Een verbond van zegen en van vloek 133
3.8. Het verbond met David 139
3.9. Het Nieuwe Verbond 141
3.9.1. Aankondigingen van het Nieuwe Verbond 141
3.9.2. De komst van het Nieuwe Verbond 145
3.9.3. De uitleg over het Nieuwe Verbond 146
3.9.4. De verschillen tussen het Oude Verbond en het Nieuwe Verbond 151
3.9.5. Wat is de positie van de kerk in het Nieuwe Verbond? 160
4. De dood van Christus en onze verlossing volgens de Bijbel 164
4.1. Inleiding 164
4.2. Waarom is Christus gestorven en opgestaan? 165
4.3. Voor wie is Christus gestorven en opgestaan? 167
4.4. De betekenis van de dood en opstanding van Christus 169
4.5. Een eeuwige verlossing is verworven 172
4.6. Vergeving op grond van het geloof 173
4.7. Rechtvaardiging op grond van het geloof 174
4.8. De Heilige Geest op grond van het geloof 176
4.9. Kinderen van God en mede-erfgenamen op grond van het geloof 178
4.10. Behouden en eeuwig leven op grond van het geloof 181
5. Klopt de leer van de kerk met de leer van de Bijbel? 185
5.1. Wat zegt de leer van Arminius? 185
5.2. Wat zeggen de Dordtse Leerregels? 186
5.3. Opmerkingen naar aanleiding van de inleiding 187
5.4. De goddelijke uitverkiezing en verwerping volgens de kerk 193
5.4.1. Opmerkingen n.a.v. Artikel 1 195
5.4.2. Opmerkingen n.a.v. Artikel 2 197
5.4.3. Opmerkingen n.a.v. Artikel 3 200
5.4.4. Opmerkingen n.a.v. Artikel 4 201
5.4.5. Opmerkingen n.a.v. Artikel 5 203
5.4.6. Opmerkingen n.a.v. Artikel 6 206
5.4.7. Opmerkingen n.a.v. Artikel 7 213
5.4.8. Opmerkingen n.a.v. Artikel 8 217
5.4.9. Opmerkingen n.a.v. Artikel 9 219
5.4.10. Opmerkingen n.a.v. Artikel 10 222
5.4.11. Opmerkingen n.a.v. Artikel 11 223
5.4.12. Opmerkingen n.a.v. Artikel 12 226
5.4.13. Opmerkingen n.a.v. Artikel 13 231
5.4.14. Opmerkingen n.a.v. Artikel 14 232
5.4.15. Opmerkingen n.a.v. Artikel 15 236
5.4.16. Opmerkingen n.a.v. Artikel 16 239
5.4.17. Opmerkingen n.a.v. Artikel 17 241
5.4.18. Opmerkingen n.a.v. Artikel 18 244
5.5. De dood van Christus en onze verlossing daardoor volgens de kerk 247
5.5.1. Opmerkingen n.a.v. Artikel 1 247
5.5.2. Opmerkingen n.a.v. Artikel 2 248
5.5.3. Opmerkingen n.a.v. Artikel 3 249
5.5.4. Opmerkingen n.a.v. Artikel 4 250
5.5.5. Opmerkingen n.a.v. Artikel 5 251
5.5.6. Opmerkingen n.a.v. Artikel 6 252
5.5.7. Opmerkingen n.a.v. Artikel 7 253
5.5.8. Opmerkingen n.a.v. Artikel 8 254
5.5.9. Opmerkingen n.a.v. Artikel 9 256
5.6. De verdorvenheid van de mens en zijn bekering volgens de kerk 257
5.6.1. Opmerkingen n.a.v. Artikel 1 257
5.6.2. Opmerkingen n.a.v. Artikel 2 258
5.6.3. Opmerkingen n.a.v. Artikel 3 259
5.6.4. Opmerkingen n.a.v. Artikel 4 260
5.6.5. Opmerkingen n.a.v. Artikel 5 262
5.6.6. Opmerkingen n.a.v. Artikel 6 263
5.6.7. Opmerkingen n.a.v. Artikel 7 263
5.6.8. Opmerkingen n.a.v. Artikel 8 265
5.6.9. Opmerkingen n.a.v. Artikel 9 266
5.6.10. Opmerkingen n.a.v. Artikel 10 268
5.6.11. Opmerkingen n.a.v. Artikel 11 269
5.6.12. Opmerkingen n.a.v. Artikel 12 271
5.6.13. Opmerkingen n.a.v. Artikel 13 272
5.6.14. Opmerkingen n.a.v. Artikel 14 274
5.6.15. Opmerkingen n.a.v. Artikel 15 276
5.6.16. Opmerkingen n.a.v. Artikel 16 278
5.6.17. Opmerkingen n.a.v. Artikel 17 279
5.7. De volharding van de heiligen volgens de kerk 282
5.7.1. Opmerkingen n.a.v. Artikel 1 282
5.7.2. Opmerkingen n.a.v. Artikel 2 283
5.7.3. Opmerkingen n.a.v. Artikel 3 284
5.7.4. Opmerkingen n.a.v. Artikel 4 285
5.7.5. Opmerkingen n.a.v. Artikel 5 288
5.7.6. Opmerkingen n.a.v. Artikel 6 291
5.7.7. Opmerkingen n.a.v. Artikel 7 293
5.7.8. Opmerkingen n.a.v. Artikel 8 294
5.7.9. Opmerkingen n.a.v. Artikel 9 295
5.7.10. Opmerkingen n.a.v. Artikel 10 297
5.7.11. Opmerkingen n.a.v. Artikel 11 298
5.7.12. Opmerkingen n.a.v. Artikel 12 299
5.7.13. Opmerkingen n.a.v. Artikel 13 300
5.7.14. Opmerkingen n.a.v. Artikel 14 301
5.7.15. Opmerkingen n.a.v. Artikel 15 303
5.8. Opmerkingen naar aanleiding van het slotwoord 304
6. Gevolgen voor de kijk op de doop 308
6.1. Inleiding 308
6.2. Wat zegt de Bijbel over de doop? 309
6.2.1. Wat zegt de Bijbel over de vorm van de doop? 310
6.2.2. Wat zegt de Bijbel over de doop in het Oude Testament? 315
6.2.3. Wat zegt de Bijbel over de doop in de Rode Zee? 318
6.2.4. Wat zegt de Bijbel over de doop DOOR Johannes? 321
6.2.5. Wat zegt de Bijbel over de doop VAN de Here Jezus? 325
6.2.6. Wat zegt de Bijbel over de doop DOOR de Here Jezus? 326
6.2.7. Wat zegt de Bijbel over de doop VAN Christus? 329
6.2.8. Wat zegt de Bijbel over de doop IN Christus? 329
6.2.9. Wat zegt de Bijbel over de doop MET de heilige Geest? 331
6.2.10. Wat zegt de Bijbel over de doop met vuur? 332
6.2.11. Wat zegt de Bijbel over de doop in de naam van …? 336
6.2.12. Wat zegt de Bijbel over de doop en de besnijdenis? 339
6.2.13. Wat zegt de Bijbel over de betekenis van de doop? 348
6.2.14. Wat zegt de Bijbel over de doop en het verbond? 350
6.2.15. Wat zegt de Bijbel over de keuze voor de doop? 353
6.2.16. Wat zegt de Bijbel over wie gedoopt worden? 356
6.2.17. Wat zegt de Bijbel over de voorwaarden voor de doop? 357
6.2.18. Wat zegt de Bijbel over de doop en de wederdoop? 358
6.2.19. Wat zegt de Bijbel over de doop en de wedergeboorte? 360
6.3. Opmerkingen naar aanleiding van het doopformulier 365
6.4. Opmerkingen naar aanleiding van de Heidelbergse Catechismus 391
6.4.1. Zondag 26 – vraag en antwoord 69 391
6.4.2. Zondag 26 – vraag en antwoord 70 393
6.4.3. Zondag 26 – vraag en antwoord 71 396
6.4.4. Zondag 27 – vraag en antwoord 72 397
6.4.5. Zondag 27 – vraag en antwoord 73 398
6.4.6. Zondag 27 – vraag en antwoord 74 399
6.5. Opmerkingen naar aanleiding van de Nederlandse Geloofsbelijdenis 401
6.6. Conclusies ten aanzien van de leer van de kerk aangaande de doop 404
7. Samenvattende conclusies 405
  Nawoorden en dankwoorden 409
  Index van alle tekstverwijzingen 412